Kies nu, God of Baäl

We kijken deze keer naar de tijd van de koningen van Israël.

Dit bericht is geplaatst op 28-02-2024
Kies nu, God of Baäl

We beginnen met de verenigde monarchie. We gebruiken de term ‘verenigde monarchie’ om de tijd in de geschiedenis van Israël te beschrijven toen Saul, David en Salomo koningen waren. Het was een verenigde monarchie, zij waren koningen over heel Israël.

 

Verdeelde monarchie

 

Na de dood van Salomo gaan we naar de tijdsperiode die de “verdeelde monarchie” wordt genoemd, en we lezen in 1 Koningen 12. Nadat Salomo sterft, splitst het koninkrijk zich op en volgen de zuidelijke twee stammen Juda en Benjamin de zoon van Salomo, wiens naam Rechabeam was, ze worden bekend als het Zuidelijke Koninkrijk of Juda. De noordelijke tien stammen volgen een man genaamd Jerobeam, en zij worden bekend als het Noordelijke Koninkrijk of Israël. De hoofdstad van Juda blijft Jeruzalem, maar de hoofdstad van Israël is Samaria, een term die uiteindelijk voor het hele land werd gebruikt.

 

Juda en Israël

 

Met andere woorden: de termen Juda en Israël betekenen twee verschillende dingen, afhankelijk van waar je je in de Bijbel bevindt. Ten tijde van de verdeelde monarchie verwijst Juda naar het Zuidelijke Koninkrijk en Israël naar het Noordelijke Koninkrijk. Jerobeam heeft een probleem met zijn nieuwe koninkrijk omdat alle aanbidding in Jeruzalem plaatsvindt. Alle religieuze festivals vinden plaats in Jeruzalem en Jeruzalem ligt ten zuiden van de grens. (Jeruzalem ligt in Juda.) Hij maakt zich zorgen dat zijn volk naar dat andere koninkrijk gaat om te aanbidden. Daarom creëert Jerobeam twee nieuwe aanbiddingscentra. De ene bevindt zich in Bethel, in het zuidelijke deel van zijn koninkrijk, net naast de grens, en de andere bevindt zich in Dan, tot aan het noordelijke uiteinde van Israël. 

Het is heel duidelijk in de Mozaïsche wet dat er maar één plaats is waar je aanbidt, en dat is in Jeruzalem. Maar Jerobeam creëert deze twee nieuwe aanbiddingscentra in Bethel en Dan, en vervolgens creëert hij twee gouden kalveren en plaatst er één in elk van de aanbiddingscentra. Hij beweert dat deze gouden kalveren de goden zijn die de kinderen van Israël uit Egypte hebben gehaald. Hij stelt een religieus festival in op dezelfde dag als het religieuze festival dat ze gewend waren en heeft zelfs zijn eigen priesterschap. Het zijn geen Levieten, wederom een groot nee, maar hij creëert zijn eigen priesterschap en geeft ze mooie kleding zodat het nog steeds ‘voelt’ als die oude vertrouwde religie die ze gewend waren te aanbidden.

 

Syncretisme

Definitie

Jerobeams antwoord op zijn probleem is syncretisme. Syncretisme betekent simpelweg het vermengen van twee religies. Het is een geweldig woord om te weten. Jerobeam, de syncretist, voegt de Mozaïsche religie van Jahweh samen met de Kanaänitische religie van Baäl en Asjera. Baäl is de belangrijkste god in de Kanaänitische religie, vaak afgebeeld als een stier, en daarom maakte hij gouden kalveren. Hij was ook de vruchtbaarheidsgod; hij had de controle over de vruchtbaarheid van het land en de mensen. Hij was ook de stormgod en zo beheerste hij onder meer de regen. Asherah was zijn gemalin, zijn vriendin. Baäl en Asjera zijn dus de god en godin van de Kanaänitische religie, en Jerobeam voegt de Kanaänitische aanbidding samen met de Jahweh-aanbidding, met de religie van de ware God. 

 

Het ‘voelt’ nog steeds een beetje als die oude religie. “Ja, er zijn dingen die anders zijn. We zijn niet in Jeruzalem. Er zijn gouden kalveren, dat zijn we niet gewend, maar het voelt nog steeds hetzelfde.” Dat is de kracht van syncretisme. Maar in wezen veranderde Jerobeam de aanbidding fundamenteel en werd Jahweh, de Heer, eenvoudigweg een andere god in het pantheon van Kanaänitische goden die ondergeschikt was aan de macht van Baäl. Dat is wat Jerobeam, de syncretist, deed. Door de profeet Elia veroordeelt God Jerobeam in 1 Koningen 14:8: “(God zegt tegen Jerobeam) Toch bent u niet zoals mijn dienaar David geweest, die mijn geboden onderhield en mij met heel zijn hart volgde en alleen datgene deed wat goed was in mijn ogen." 

Dit wordt de maatstaf voor het oordeel gedurende deze gehele periode van de verdeelde monarchie. Als de koning trouw was aan het Mozaïsche verbond, als hij trouw was aan wat God had geopenbaard in Exodus, Leviticus, Numeri en Deuteronomium, als de koning op zijn voorvader David leek, dan sprak God zegen en lof uit over die koning. Maar als die koning een compromis sloot, als die koning probeerde de religies van de wereld te vermengen met de religie van het Boek, werd hij veroordeeld. Het maakte niet uit hoe machtig en goed de koning op andere gebieden was. Het maakte niet uit hoe hij politiek, militair of sociaal was, geen van deze dingen doet er toe voor de schrijver van I Koningen. Het enige dat telt is of u trouw was aan het verbond. Was u net als David, of probeerde u de religie van de ware God, Jahweh, te vermengen met de religies van het land? De boodschap van deze ene opmerking in het verhaal van Elia is dat we geen compromissen mogen sluiten. We moeten geen compromissen sluiten door de aanbidding van de ware God te vermengen met de aanbidding van valse goden. We moeten geen compromissen sluiten door te proberen de grens tussen religies en goden te overbruggen. We moeten geen compromissen sluiten door de leer van de ware God te vermengen met de leer van de valse goden. Dat is de maatstaf waarmee koningen worden beoordeeld tijdens de verdeelde monarchie.

 

Rehabeam

 

De verhalen gaan verder en we lezen over een reeks koningen die in Juda regeerden. De schrijver begint met Rehabeam, de zoon van David, hoofdstuk 14:23, en hij vertelt hoe de Judeeërs “hoge plaatsen en pilaren en Asherim bouwden op elke hoge heuvel en onder elke groene boom, en er waren ook mannelijke cultusprostituees” en hij besluit: “Zij deden overeenkomstig alle gruwelen van de volken die de Heer voor het volk Israël heeft uitgeroeid.” Met andere woorden, in één generatie, of misschien twee, werden ze net als de Amorieten die Jozua uit het land verdreef.

 

Asa

 

Vervolgens gaat het van Rehabeam naar zijn zoon Abiam. Het gaat van Abiam naar zijn zoon Asa. En Asa is eigenlijk een van de weinige goede koningen in de tijd van de verdeelde monarchie. In 1 Koningen 15:11 lezen we: ‘En Asa deed wat goed was in de ogen van de Heer, net zoals zijn vader David had gedaan.’ Kijk, er is de maatstaf voor het oordeel; er is het stempel van goedkeuring; er is trouw aan het verbond. Maar als je zelfs verder leest bij Asa, vers 14: “Maar de hoge plaatsen (hij bouwde feitelijk een tempel voor Baäl in zijn hoofdstad) werden niet afgebroken. Niettemin was het hart van Asa al zijn dagen volkomen trouw aan de Heer.’ Asa is een goede kerel. Hij is een goede koning. En toch liet hij het syncretisme toe; hij liet het compromis met de religies van de wereld voortduren en vernietigde niet alle hoge plaatsen.

 

Achab

 

De auteur van Koningen wendt zich vervolgens van het Zuidelijke Koninkrijk naar het Noordelijke Koninkrijk Israël, en er is de ene slechte koning na de andere. Beginnend met Jerobeam baant de auteur zich een weg door vijf verschillende koningen en komt uiteindelijk uit bij Achab. In hoofdstuk 16:30 lezen we dit: “En Achab, de zoon van Omri, deed kwaad in de ogen van de Heer, meer dan allen die vóór hem waren.” Alsof het voor hem maar een klein probleem was om in de zonden te wandelen. 

 

Jerobam, de zoon van Nebar, deed iets nog ergers en nam Izebel, de dochter van Ethbaäl (je hoort Baäl in de naam van haar vader), koning van de Sidoniërs als vrouw, en diende Baäl en aanbad hem. "(Achab) richtte een altaar op voor Baäl in het huis van Baäl, dat hij in Samaria bouwde (hij bouwde feitelijk een tempel voor Baäl in zijn hoofdstad) en Achab maakte een Asjera. Achab deed meer om de Heer, de God van Israël, tot toorn op te wekken dan alle koningen van Israël die vóór hem waren.’ Syncretisme. Compromissen sluiten en vermengen leiden altijd tot heidendom. Het is een hellend vlak. Jerobeam leidt altijd naar Achab.

 

Elia

 

Dit bereidt de weg voor de profeet Elia. We bevinden ons ergens rond 870 voor Christus in 1 Koningen 17, en we ontmoeten de profeet Elia. Zelfs zijn naam vertelt ons waar hij voor staat. De naam ‘Elia’ betekent ‘Jahweh is mijn God’. In zijn naam verkondigt Elia dat hij niet Baäl gaat aanbidden, maar dat hij de Heer gaat aanbidden. Hij gaat Jahweh aanbidden. De profeet Elia bidt dat het drie jaar lang niet zal regenen. Dat heeft betekenis omdat Baäl zogenaamd controle had over het weer. Maar de profeet van Yahweh bidt tot Yahweh en Yahweh sluit de hemel zodat er drie jaar lang geen regen valt. 

 

Dan confronteert Achab in hoofdstuk 18 eindelijk Elia. Beginnend bij vers 17: “Toen Achab Elia zag, zei Achab tegen hem: ‘Ben jij het, onruststoker van Israël?’ Achab probeert de verantwoordelijkheid af te schuiven en probeert te zeggen dat het niet zijn schuld was. Het is alsof je de brandweerman de schuld geeft van de brand. En Elia antwoordde: ‘Ik heb Israël niet in moeilijkheden gebracht, maar u wel, en het huis van uw vader, omdat u de geboden van de HEER hebt verlaten en de Baäls bent gevolgd.’” (Als ‘Heer’ in hoofdletters staat, is het Gods persoonlijke naam; dat is de manier waarop de vertalers zeggen dat ze geen andere namen voor God vertalen. Het is de naam die hij Mozes gaf bij de brandende braamstruik, Jahweh. Het is een persoonlijke naam.) Vervolgens geeft Elia in vers 19 zijn uitdaging: “Zend daarom nu heel Israël bij mij bijeen op de berg Karmel, en de 450 profeten van Baäl en de 400 profeten van Asjera, die in de tempel van Izebel eten.” Het is een centrum van Baälaanbidding. Elia zoekt geen neutraal terrein. Hij wil het hart van het kamp van de vijand binnendringen en doen wat hij gaat doen. 

 

Izebel stimuleerde de Baäl-religie en zij zorgde voor alle profeten. Elia zegt dus: ‘Laten we iedereen samenbrengen naar de top van de berg Karmel.’ En dan hebben we de uitdaging in vers 20: “Toen stuurde Achab een boodschap naar het hele volk van Israël en verzamelde de profeten op de berg Karmel. En Elia kwam naar het hele volk toe en zei: ‘Hoe lang zul je nog heen en weer slingeren tussen twee verschillende meningen? Als Jahweh God is, volg hem dan, maar als het Baäl is, volg hem dan.’ En het volk antwoordde hem met geen woord.’ Elia zegt: “Willen jullie allemaal tot een besluit komen! Of in de woorden van Jozua in Jozua 24:15: “Kies vandaag wie je wilt dienen.” Elia’s uitdaging is dat de tijd voor compromissen voorbij is. Je kunt niet met één voet in elk kamp leven. Je moet kiezen. Je kunt niet met één voet leven in de aanbidding van de ware God en met de andere voet ergens anders. Of het nu een gemengde religie is of een heidense religie, dat kun je niet doen.

 

Vervolgens legt hij de details van de strijd uit: “’Laat ons twee stieren worden gegeven (merk op dat het stieren zijn; er is een hoop symboliek aan de hand. Laten we iets nemen dat u associeert met Baäl) en laat hen (de proften)één stier voor zichzelf uitkiezen, in stukken snijden en op het hout leggen, maar er geen vuur in steken. En ik zal de andere stier voorbereiden en op het hout leggen en hem niet in brand steken. En jij zult de naam van je god aanroepen, en ik zal de naam van Yahweh aanroepen, en de God die antwoordt met vuur, hij is God.’” Zo wordt de strijd uiteengezet. 

 

In vers 26 begint het: “En zij (de proften) men de stier die hun was gegeven, maakten die klaar en riepen van de ochtend tot de middag de naam van Baäl aan en zeiden: ‘O Baäl, antwoord ons! Maar er was geen stem en niemand antwoordde. En ze hinkten rond het altaar dat ze hadden gemaakt.’ Ik had graag Elia’s gezicht gezien tijdens deze periode van drie of vier uur. Ik hoop dat we, wanneer we in de hemel komen, de geschiedenis van de Bijbel opnieuw kunnen beleven, want ik heb veel vragen. Ik vraag me af of Elia daar met zijn ogen zat te rollen? Ik vraag me af of hij ze nabootste? Ik vraag me af of hij gewoon vol walging zijn hoofd omdraaide? Ik zou echt willen dat ik wist wat Elia gedurende die drie of vier uur deed. In vers 27 weten we wat hij doet en hij wordt gemeen. ‘En rond het middaguur bespotte Elia hen en zei: ‘Roep luid, (roep luider), want hij is een god. Of hij mijmert (diep in gedachten) of hij doet zijn behoefte, of hij is op reis, of misschien slaapt hij en moet hij wakker worden.”

 

Mijn Hebreeuwse leraren verzekeren mij dat het Hebreeuws voor ‘zichzelf ontlasten’ buitengewoon grof is. Elijah suggereert niet dat hij misschien ‘naar het toilet is gegaan’. Ik laat je invullen wat een echte vertaling zou zijn. ‘En zij schreeuwden luid en sneden zichzelf volgens hun gewoonte met zwaarden en lansen, totdat het bloed over hen heen stroomde. En toen de middag verstreek (merk op hoe lang dit al aan de gang is) gingen ze door tot het moment van het offeren van de offergave, maar er was geen stem. Niemand heeft geantwoord. Niemand lette op.” Je kunt je de scène in gedachten voorstellen. 

 

Nu is het de beurt aan Elia. Elia bouwt een altaar in overeenstemming met de Mozaïsche wet, duidelijk in tegenspraak met de Kanaänitische praktijk, en hij graaft er een greppel omheen. Hij legt het hout erop. Hij doodt de stier en legt het dode dier er bovenop. En dan laat hij de mensen het met water overgieten. Hij wil niet dat iemand denkt dat er op de een of andere manier brand is ontstaan. Dus overgoten ze het vier keer, tot het punt dat de geul rond het altaar vol stond met water. Halverwege vers 36 begint Elia (ik ga de persoonlijke naam van God veranderen omdat ik niet wil dat je denkt dat "HEER" een algemene naam voor God is): “O Jahweh, God van Abraham, Isaak en Jakob (Elia zegt) laat het vandaag bekend worden dat u God bent in Israël, en dat ik uw dienaar ben, en dat ik al deze dingen op uw woord heb gedaan. Antwoord mij, o Jahweh, antwoord mij, zodat dit volk mag weten dat u, o Jahweh, God bent, en dat u hun hart hebt doen keren.’ 

 

Merk op hoe snel God hem antwoordt. “Toen viel het vuur van Jahweh neer en verteerde het brandoffer, het hout, de stenen en het stof, en likte het water op dat in de greppel zat. En toen al het volk het zag, vielen ze op hun aangezicht en zeiden: ‘Jahweh, hij is God; Jahweh, Hij is God.’ En Elia zei tegen hen: grijp de profeten van Baäl; laat niet één van hen ontsnappen.’ En zij grepen hen. En Elia bracht hen naar de beek Kison (die langs de voet van de berg Karmel loopt) en slachtte hen daar af.” Elijah gaat alle mogelijke krachten van syncretisme en compromissen wegnemen.

 

Het verhaal eindigt doordat God de droogte beëindigt en de regen stuurt. Jahweh wordt gerechtvaardigd. Hij is het, en niet Baäl, die soeverein is over alles, inclusief het weer. En terwijl u verder leest in het boek I Koningen en in het begin van II Koningen, zult u lezen over andere dingen die Elia deed. Uiteindelijk geeft hij zijn profetische rol door aan zijn discipel genaamd Elisa. Dan wordt Elia meegenomen in een wervelwind in een strijdwagen en naar huis gebracht in de hemel. Elia is een van de twee mensen in de Bijbel die nooit zijn gestorven.

 

Elia’s boodschap in het Nieuwe Testament

 

Dat is niet het einde van Elia, omdat de compromisloze boodschap van Elia doorgaat in het Oude Testament en in het Nieuwe Testament. Er wordt nog steeds volgehouden dat er geen compromissen mogen worden gesloten met de wereld, dat we absoluut niet over het hek heen kunnen stappen. We kunnen niet met één voet in het koninkrijk van God leven en met de andere voet in het koninkrijk van Satan, namelijk deze wereld. Jezus zegt in Mattheüs 6:24: “Niemand kan twee heren dienen, want hij zal óf de een haten en de ander liefhebben, óf hij zal toegewijd zijn aan de een en de ander verachten. Je kunt God en het geld niet dienen.” Je kunt God en de Mammon niet dienen. Mammon verwijst naar dat wat materieel is en heeft in de eerste plaats betrekking op geld, maar zijn fundamentele verwijzing is op dat wat materieel is, dat wat van deze wereld is. 

 

Jezus zegt dat je ze niet allebei kunt dienen. Je moet kiezen; je kunt niet over het hek heen staan. In het boek Openbaring, het laatste boek in het Nieuwe Testament, spreekt Jezus zeven kerken toe die zich in de zuidwestelijke hoek van het hedendaagse Turkije bevinden. In Openbaring 2 spreekt hij met de kerk die in de stad Thyatira stond. Luister naar wat Hij tegen deze mensen zegt: ‘Ik ken uw werken, uw liefde en geloof, dienstbaarheid en geduldige volharding, en dat uw laatste werken de eerste overtreffen. (Met andere woorden, je groeit.) Maar ik heb dit tegen je, dat je die vrouw Izebel tolereert, die zichzelf een profetes noemt en mijn dienaren leert en verleidt om seksuele immoraliteit te beoefenen en voedsel te eten (aangeboden) aan afgoden. Ik heb haar de tijd gegeven om zich te bekeren, maar ze weigert zich te bekeren van haar seksuele immoraliteit. Zie, ik zal haar op een ziekbed werpen, en degenen die overspel met haar plegen, zal ik in grote verdrukking werpen, tenzij zij zich bekeren van haar werken, en ik zal haar kinderen doden, dat zijn haar volgelingen.’

 

Er is geen plaats voor theologisch syncretisme. Er is geen plaats om valse leringen met de leringen van God te vermengen. Wanneer Paulus aan de Galaten schrijft, excommuniceert hij, hij spreekt een vloek uit over iedereen die verlossing door werken predikt. Er is in het Nieuwe Testament geen plaats voor het tolereren van valse leerstellingen. Ga verder naar hoofdstuk 3 in Openbaring waar de Heer zich wendt tot een andere stad genaamd Laodicea. Tegen Laodicea in Openbaring 3, beginnend in vers 15, zegt God: “Ik ken uw werken: u bent niet koud of heet. Zou je het maar koud of warm zijn! Dus omdat je lauw bent, noch warm, noch koud, zal ik je uit mijn mond spugen.’ 

 

Laodicea ligt tussen twee beroemde steden, aan de ene kant ligt Kolosse en aan de andere kant Herapolis. Kolosse was beroemd om zijn koudwaterbronnen. Herapolis staat bekend om zijn warmwaterbronnen. Het water komt eruit met een temperatuur van ongeveer 140 graden. Wat de mensen in Laodicea deden, was kleine aquaducten creëren die het koude water uit Kolosse en het hete water uit Herapolis naar Kolosse brachten. (Je kunt de leidingen vandaag de dag nog steeds zien.) Maar het probleem was dat het koude water warm was en het hete water lauw tegen de tijd dat het water Laodicea bereikte. Met andere woorden: het was waardeloos. Je kon er niets mee doen en hij pakt dat op en zegt: “Oh, dat je maar koud of warm zou zijn.” Maak je keuze! Maar dit lauw zijn, dit in het midden zijn, dit over de grens gaan van geen volledig toegewijde discipel te zijn, ik zal je uit mijn mond spuwen. 

 

De boodschap van Elia loopt door het hele Nieuwe Testament heen. De boodschap dat we niet over het hek durven te gaan, dat we niet met één voet in Gods koninkrijk durven te leven en met de andere voet nog in de wereld in Satans koninkrijk. Weet je, soms denk ik dat we een gevoel van veiligheid hebben als we over het hek staan. “Ik heb één voet in God en ik heb de andere voet hier, waar ik me wat comfortabeler voel.” We hebben het gevoel dat het veilig is om over het hek heen te gaan, maar de boodschap van Elijah is dat het midden de gevaarlijkste plek is waar jij en ik naartoe kunnen gaan. God zegt dat Hij niet schrijlings zal zijn. Je bent misschien lauw.

Daar is geen plaats voor in het koninkrijk van God. Ik denk aan de analogie van een huwelijk en de schoonheid van een godvruchtig huwelijk waar geen compromissen bestaan; waar u uw partner niet deelt en uzelf niet deelt. Hoe mooi is het als partners volledig toegewijd zijn aan het verbondshuwelijk en hoe lelijk het huwelijk kan worden als compromissen beginnen en je jezelf begint te delen en je verbond met je partner verbreekt. Daarom worden wij de ‘Bruid van Christus’ genoemd. Daarom worden zij hoeren genoemd als jij het verbond in de steek laat, als ik het verbond in de steek laat. Omdat het een alles of niets-zaak is en God volledige en totale verbondsloyaliteit eist. Hij eist dat we niet over het hek gaan staan, maar dat we onszelf volledig aan hem geven. Hij zegt: ‘Hou op met rondscharrelen. Maak je keuze. Het ligt óf helemaal aan mij óf het is iets anders, maar je kunt niet over het hek heen gaan. 

1 Johannes 2:15 is een van de sterkste uitspraken hierover in de Bijbel, waar de apostel Johannes schrijft: “Heb de wereld niet lief, noch de dingen in de wereld. Als iemand de wereld liefheeft, is de liefde van de Vader niet in hem.” Het is een moeilijk vers, omdat de wereld mooi is zoals God haar geschapen heeft. Dat is wat het evangelie zegt. Of je houdt van God, óf je houdt van de wereld. Je kunt niet allebei doen. De wereld leert dat we over het hek heen kunnen stappen. De wereld leert dat je tegelijkertijd God en de wereld kunt liefhebben. De syncretistische kerk van vandaag predikt een compromis met Gods heiligheid. Het verkondigt het evangelie van heiligheid dat niet de boodschap heeft van levende God en van het haten van de zonde. De syncretistische kerk van vandaag predikt dat we mensenbehagers moeten zijn en niet godsbehagers, dat we onze normen moeten verlagen. Maar als we compromissen sluiten met onze normen, als we ervoor kiezen om te proberen God lief te hebben en de wereld lief te hebben, gaat Jerobeam altijd naar Achab. 

Syncretisme beweegt altijd naar heidendom. Statistisch gezien is er nu geen waarneembaar verschil tussen de kerk en de wereld. In feite zijn sommige statistieken in de kerk nog hoger en zijn we vaak niet langer een licht voor de wereld geworden, omdat we er precies zo uitzien als de wereld. Jerobeam verhuist altijd naar Achab. Het evangelie zegt dat het ons doel is om op Jezus te lijken. Het evangelie zegt dat we volwassen moeten zijn in ons geloof. Dat is het allerbelangrijkste.

 

In 1 Johannes 3 staat dat we op Jezus moeten lijken. Romeinen 8:28, 29; Romeinen 5:1-5; Jakobus 1:2-4 leert allemaal dat lijden en pijn ons tot volwassenheid kunnen drijven, ons ertoe kunnen aanzetten meer op Jezus te gaan lijken. Daarom moeten we ons eigenlijk verheugen in ons lijden vanwege wat het lijden in ons voortbrengt of kan voortbrengen. Een harde doctrine die tegengesteld is aan die van de wereld een wereld die als het doel van het leven leert, het vermijden van pijn. De syncretistische kerk compromitteert Gods doel voor ons leven. Het predikt een gezondheids- en welvaartsevangelie dat zegt dat Gods uiteindelijke doel voor ons is dat we gezond en rijk zijn, dat wijsheid niet belangrijk is en dat pijn altijd het teken is van zonde, een gebrek aan geloof en Gods ongenoegen. Deze mensen hebben het boek Job niet gelezen, omdat pijn iets is waar we ons over verheugen (de duidelijke leer van de Bijbel). Het evangelie zegt dat we onszelf moeten verloochenen, ons kruis moeten opnemen en Jezus moeten volgen (Marcus 8:34). Het evangelie zegt dat we volledig toegewijde discipelen moeten zijn, en niet voor onszelf moeten leven. Wij moeten onszelf verloochenen. Wij moeten elke dag leven als mensen die aan zichzelf zijn gekruisigd. Wij moeten niet voor onszelf leven, maar wij moeten voor Hem leven. 

Duidelijk onderwijs, rechtstreeks in de Schrift. Daar bestaat geen twijfel over; het is duidelijk wat de Bijbel leert. Deze syncretistische wereld leert daarentegen dat het enige dat er echt toe doet de onheilige drie-eenheid is: ik, ikzelf en ik. De wereld zegt: ‘Verloochen jezelf niet. Alles draait om jou. Jij bent het centrum van het universum. Ontken jezelf niet. Dat is dwaasheid.” En dus predikt de syncretistische kerk de verlossing van wat ‘goedkope genade’ wordt genoemd. Dat als je eenmaal je ‘verlaat de hel gratis’-kaart hebt, je kunt gaan leven zoals je wilt en dat het niet uitmaakt. “Je hoeft jezelf niet te verloochenen. Je hoeft je kruis niet op te nemen. Steek gewoon je hand op, zeg het magische gebed en ga naar buiten en leef zoals je wilt.

 

In zijn boek ‘Navolging’ zegt Dietrich Bonhoeffer dat de praktijk van de syncretistische kerkelijke leer van goedkope genade, genade zonder discipelschap: “Goedkope genade is de prediking van vergeving zonder bekering te vereisen, de doop zonder kerkelijke discipline, de gemeenschap zonder kerkelijke discipline. Bekentenis, absolutie zonder persoonlijke bekentenis. Goedkope genade is genade zonder discipelschap, genade zonder het kruis, genade zonder de levende Jezus Christus. Kostbare genade, zoals de Bijbel leert, is de schat die in het veld verborgen ligt. Omwille daarvan zal een man graag alles gaan verkopen wat hij heeft. Het is de parel die van grote waarde is om te kopen en die een dienaar al zijn goederen zal doen verkopen. Het is de koninklijke heerschappij van Christus ter wille van wie een mens zijn oog zal uitrukken. Het is de roep van Jezus Christus waarbij de discipel zijn netten achterlaat en Hem volgt.” De tijd voor compromissen is voorbij. Dat is de boodschap van Elia en die is nog nooit zo waar geweest als nu. De tijd van compromissen, van over grenzen heen gaan, van denken dat we tegelijkertijd God kunnen liefhebben en deze wereld kunnen liefhebben, is voorbij. Kies vandaag wie je wilt dienen. Hoelang zul je blijven hinken tussen twee verschillende meningen? Als Jahweh God is, volg hem dan. Als het Baäl is, volg hem dan.

 

Reflectievragen

 

  • Bespreek de manieren waarop Jerobeam de Mozaïsche religie veranderde, maar sommige vormen ervan behield.
  • Wat zijn maatstaven voor succes die we vaak gebruiken en die niet overeenkomen met Gods maatstaven?
  • Wat zijn manieren waarop de wereld Gods maatstaven voor succes kleineert?
  • Kun je moderne voorbeelden bedenken waarin het begon met syncretisme, maar de heuvel afgleed naar heidendom?
  • Wat denk je van Elia’s nogal grove verbale aanval op de profeten van Baäl in 1 Koningen 18:20-21? Ik ben er zeker van dat we het erover eens zijn dat het juist was, maar was het gepast? Is er ooit een tijd waarin we de valse leer en haar leraren kunnen bespotten?
  • Kun je nog andere verzen in de Bijbel bedenken die benadrukken dat het verkeerd is om iets met de ware aanbidding te vermengen? Met andere woorden: zijn er nog andere anti-syncretistische verzen?

 

Op welke manieren hebt u gezien hoe de zuiverheid van de evangelieboodschap verwaterd werd door de leringen van de wereld? Ik denk hier specifiek aan de dingen die in de kerk worden onderwezen.

Zie ook

wijsheid
31-01-2024
Jesaja's visioen van Gods glorie
13-03-2024
Jezus droeg onze zonden
27-03-2024